Ga naar hoofdinhoud
Man in grijs pak staat bij een laadpaal

Het mobiliteitsbudget: een volwaardig alternatief voor de leaseauto?

De aankomende pseudo-eindheffing zet veel werkgevers aan het denken over hun mobiliteitsbeleid. Werkgevers noemen het mobiliteitsbudget steeds vaker als alternatief voor de leaseauto. Maar wanneer is het mobiliteitsbudget in de praktijk écht een volwaardig alternatief en waar moet je als werkgever rekening mee houden

Dit blog bespreekt de werking van het mobiliteitsbudget, de belangrijkste voor- en nadelen en de vragen die je als werkgever moet beantwoorden om tot een goede keuze te komen.


Edwin Koster, Mobility Consultant, Alphabet 

Man komt met een telefoon in de hand de oprit af blauwe MINI-auto op de achtergrond.

Waarom nu? De rol van de pseudo-eindheffing

De toegenomen interesse voor het mobiliteitsbudget komt niet uit de lucht vallen. Organisaties zoeken naar meer flexibiliteit en grip op kosten. Tegelijkertijd krijgen werkgevers vanaf 2027 te maken met hogere lasten als gevolg van de pseudo-eindheffing* over het privévoordeel van een ter beschikking gestelde fossiele personenauto. Voor medewerkers die nog niet toe zijn aan elektrisch rijden, biedt een mobiliteitsbudget een alternatief.


* Pseudo-eindheffing: een extra werkgeversheffing op fossiele leaseauto’s die medewerkers ook privé gebruiken.

In de markt bestaat weinig consensus over de invulling van het mobiliteitsbudget. De meest gangbare aanpak koppelt het budget aan de normleasebedragen*, inclusief laadkosten. Daarnaast komt daar een netto kilometervergoeding bij per woon-werk- en zakelijke kilometer uit het bruto mobiliteitsbudget.

 

* Normleasebedrag: het standaard leasebudget dat hoort bij een functie of functiegroep.

Kansen en aandachtspunten op een rij

Een mobiliteitsbudget biedt zowel werkgever als medewerker duidelijke voordelen, maar vraagt ook aandacht voor een aantal risico’s. We zetten ze naast elkaar. Opvallend aan dit overzicht: de voordelen liggen vooral bij de medewerker, terwijl de aandachtspunten vooral bij de werkgever liggen. Dat maakt het mobiliteitsbudget niet bij voorbaat minder geschikt, maar het vraagt wél om een doordachte beleidskeuze.

Kansen

Voor het bedrijf

  • • Medewerkers die geen behoefte hebben aan een (elektrische) leaseauto, krijgen een alternatief dat beter bij hun situatie past.
  • • Keuzevrijheid in vervoermiddel: OV, eigen auto, fiets of een combinatie — de medewerker bepaalt.
  • • Geen discussie over, of doorbelasting van inleverkosten bij uitdiensttreding vóór contracteinde.
  • • Geen btw-afdracht over privégebruik, wat bij een leaseauto wel verplicht is.
  • • Bij een vast maandbudget zijn de mobiliteitskosten transparant en voorspelbaar.

Aandachtspunten

Voor het bedrijf

  • • Minder grip op CO₂-doelstellingen: medewerkers kunnen kiezen voor een oudere brandstofauto.
  • • Geen controle op veiligheid of representativiteit van het voertuig dat de medewerker gebruikt.
  • • Hogere administratieve druk: kilometerregistratie, declaraties en fiscale toetsing.
  • • Bij een vast budget bestaat de kans dat medewerkers zakelijke ritten vermijden om budget over te houden.
  • • Over het mobiliteitsbudget zijn werkgeverspremies (sociale lasten) verschuldigd.

Twee varianten, vast of variabel?

Het vaste mobiliteitsbudget
Dit is de meest voorkomende variant. De werkgever stelt maandelijks een bedrag beschikbaar dat is gekoppeld aan de leasecategorie van de functie. De medewerker besteedt dit budget vrij aan vervoer.
 

  • Voordeel
    Eenvoudig te beheren en goed voorspelbaar in kosten.
  • Aandachtspunt
    Het budget houdt geen rekening met de werkelijke reisbehoefte. Een medewerker die dichtbij kantoor woont, ontvangt hetzelfde bedrag als een collega met een lange pendeltijd. Dat kan op termijn leiden tot onvrede of onbedoeld gedrag.
     

Het variabele mobiliteitsbudget
Steeds meer werkgevers werken met een variabel budget: de vergoeding beweegt mee met het werkelijke rijgedrag van de medewerker. Het model combineert een vaste maandelijkse basisvergoeding met een variabele vergoeding per kilometer.

Rekenvoorbeeld: hoe werkt een variabel mobiliteitsbudget?

Uitgangspunt: normleasebedrag inclusief laadkosten bedraagt €850 per maand, gebaseerd op 15.000 woon-werk- en zakelijke kilometers per jaar. Daarnaast is vastgesteld dat een kilometer bij dit maandbedrag gemiddeld € 0,20 kost.

Variabele vergoeding per km
€ 0,20 × (15.000 ÷ 12)
Maanbedrag = € 250,-

Vaste basisvergoeding
€ 850,- − € 250,-
Maanbedrag = € 600,-


Totaal bij 15.000 km/jaar = € 850,-
 

Rijdt een medewerker in werkelijkheid 10.000 km? Dan ontvangt hij € 600 vast + € 200 variabel = € 800. De werkgever betaalt in dat geval dus minder. Rijdt een medewerker in werkelijkheid 20.000 km? Dan ontvangt hij een hoger mobiliteitsbudget: € 600 vast + € 333 variabel = € 933.

Voordeel

Voor het bedrijf

  • • Mobiliteitskosten worden direct verbonden aan het daadwerkelijke gebruik. Meer rijden leidt tot een hogere vergoeding terwijl minder rijden resulteert in lagere kosten voor de werkgever.

Aandachtspunten

Voor het bedrijf

  • • Het model vraagt om nauwkeurige kilometerregistratie en een goede administratieve inrichting.

Voor welke medewerker is het mobiliteitsbudget geschikt?

Een mobiliteitsbudget past niet bij elke functie. Breng de doelgroep goed in kaart voordat je een keuze maakt.



Goed passend voor: medewerkers die veel thuiswerken, in een stedelijke omgeving wonen of zelf al over een eigen auto beschikken en de leaseauto voornamelijk voor woon-werkverkeer gebruiken.
 

Minder passend voor: buitendienstmedewerkers, servicemonteurs of medewerkers die regelmatig materiaal vervoeren. Voor deze groep blijft de leaseauto doorgaans het meest praktische alternatief.

Vier vragen om de afweging te maken

  1. Man zit op de bestuurdersstoel in de auto en kijkt op zijn telefoon.

    1. Doelstelling

    Wil je kosten besparen, duurzaamheid sturen of de medewerkerstevredenheid verhogen? Elk doel vraagt een andere aanpak en inrichting.

  2. Blauwe auto voor een elegant huis vrouw in lichte kleding met tas op de voorgrond.

    2. Doelgroep

    Voor welke functies is een mobiliteitsbudget realistisch? Breng dit per doelgroep in kaart - generiek beleid voor iedereen werkt zelden optimaal.

  3. 3. Vast of variabel?

    Een vast budget is eenvoudig te beheren; een variabel budget sluit beter aan bij de werkelijkheid. Weeg beide opties zorgvuldig af.

  4. Man houdt een presentatie over voertuigvlotenemissies voor een groot scherm in de vergaderzaal.

    4. Fiscale inrichting

    Hoe ga je om met de onbelaste kilometervergoeding, sociale lasten en eventuele WKR-gevolgen? Stem dit af met je fiscalist of salarisadministrateur.

*WKR: de werkkostenregeling; de fiscale regeling voor vergoedingen en voordelen aan medewerkers.

Conclusie

Het mobiliteitsbudget is geen universele oplossing, maar wel een volwaardig alternatief als het goed wordt ingericht. Het biedt medewerkers meer keuzevrijheid, vermindert de afhankelijkheid van één mobiliteitsoplossing en zorgt voor een eerlijkere kostenverdeling. Tegelijk vraagt het om goede afspraken, extra aandacht voor administratie en heldere communicatie. De aankomende pseudo-eindheffing maakt dit een goed moment om het mobiliteitsbeleid opnieuw te bekijken. Werkgevers die nu bewust keuzes maken, tonen dat zij mobiliteit serieus nemen en versterken daarmee hun aantrekkelijkheid op een krappe arbeidsmarkt.

 

Wij denken graag met je mee

Benieuwd of een mobiliteitsbudget past bij jouw organisatie? Onze consultants bieden advies op maat, afgestemd op jouw wagenpark, medewerkers en fiscale situatie. Neem contact met ons op voor een vrijblijvend adviesgesprek.
  • +31 (0)76 579 3200